Rente en de beurs: hoe hangen ze samen?
Renteveranderingen werken langs meerdere kanalen door in de beurs: ze veranderen wat lenen kost, wat toekomstige winst waard is en hoe aantrekkelijk sparen wordt. Niet elk aandeel reageert daarop even sterk.
Drie kanalen waarlangs rente doorwerkt
Als een centrale bank de rente aanpast, raakt dat de beurs niet via één mechanisme maar via meerdere tegelijk.
- Financieringskosten. Bedrijven met schuld betalen meer rente, wat direct van de winst afgaat. Zwaar gefinancierde sectoren voelen dat het snelst.
- Waardering van toekomstige winst. Een euro winst over 10 jaar is bij hoge rente vandaag minder waard. Bedrijven waarvan de winst vooral in de toekomst ligt, worden daardoor lager gewaardeerd.
- Concurrentie van sparen. Bij een aantrekkelijke spaarrente hoeven beleggers minder risico te nemen voor een redelijk rendement. Die afweging komt uitgebreider aan bod in sparen of beleggen.
Waarom groeiaandelen gevoeliger zijn
Het tweede kanaal verklaart een patroon dat elke rentecyclus terugkeert. Bij een bedrijf dat nu al stabiel winst maakt, ligt het grootste deel van de waarde in de nabije toekomst. Bij een groeibedrijf ligt die juist ver weg.
Hoe verder in de toekomst, hoe zwaarder een hogere rente op de waardering drukt. Daardoor dalen groeiaandelen doorgaans sterker bij een rentestijging, ook zonder dat er iets aan hun vooruitzichten is veranderd.
Dat effect zie je terug in de koers-winstverhouding: die daalt bij oplopende rente vaak sectorbreed.
Obligaties bewegen tegengesteld
Bij obligaties is het verband directer. Stijgt de marktrente, dan worden bestaande obligaties met een lagere coupon minder waard, en daalt hun koers. Hoe langer de looptijd, hoe sterker dat effect. De mechaniek staat uitgewerkt in obligaties voor beginners.
De gedachte dat obligaties aandelen opvangen gaat daardoor niet altijd op. In een periode van snel oplopende rente kunnen beide tegelijk dalen — precies wanneer je die demping het hardst nodig hebt.
Wat het betekent voor je portefeuille
De verleiding is groot om je portefeuille aan te passen op renteverwachtingen. Dat vraagt echter twee voorspellingen: wat de rente doet, en hoe de markt daarop reageert. Die laatste is vaak al verwerkt in de koersen voordat de wijziging plaatsvindt.
Praktischer is het om te weten hoe gevoelig je portefeuille is. Zit je zwaar in één type bedrijf, dan beweeg je heftiger mee dan je misschien denkt. De spreidingstool laat die concentratie zien, en met de herbalanceer-calculator bereken je wat er nodig is om terug te komen bij je verdeling.
Inflatie hoort erbij
Rentebeleid is doorgaans een reactie op inflatie. Voor je koopkracht telt uiteindelijk wat er na inflatie overblijft — een nominaal rendement van 4 procent bij 3 procent inflatie is in reële termen mager. Wat dat over de jaren betekent, laat de inflatie-calculator zien.