Obligaties voor beginners: hoe werken ze?
Waar een aandeel een stukje eigendom is, is een obligatie een lening. Je krijgt periodiek rente en aan het eind je inleg terug — maar de koers beweegt ondertussen wel, en dat verrast veel beginnende beleggers.
Wat is een obligatie?
Met een obligatie leen je geld uit aan een overheid of een bedrijf. In ruil daarvoor ontvang je periodiek rente, de zogeheten coupon, en op de einddatum krijg je het geleende bedrag terug.
Dat is een wezenlijk ander uitgangspunt dan bij een aandeel. Als aandeelhouder ben je mede-eigenaar en deel je in winst en verlies. Als obligatiehouder ben je schuldeiser: je hebt recht op rente en terugbetaling, ongeacht of het bedrijf een topjaar draait.
Waarom de koers beweegt
Dit verrast veel mensen: ook obligaties hebben een koers die schommelt. De reden is de marktrente.
Stel dat je een obligatie hebt die 2 procent rente betaalt. Stijgt de marktrente naar 4 procent, dan zijn nieuwe obligaties aantrekkelijker. Jouw obligatie wordt daardoor minder waard — wie hem van je overneemt, wil compensatie voor die lagere coupon.
Daalt de marktrente juist, dan gebeurt het omgekeerde en stijgt de koers van bestaande obligaties. Kort samengevat: rente omhoog betekent obligatiekoersen omlaag, en andersom.
De belangrijkste risico's
- Renterisico — de koers daalt als de marktrente stijgt. Hoe langer de looptijd, hoe sterker dat effect.
- Kredietrisico — de uitgever kan niet terugbetalen. Bij staatsobligaties van stabiele landen is dat klein, bij bedrijfsobligaties groter.
- Inflatierisico — een vaste coupon van 2 procent bij 3 procent inflatie betekent koopkrachtverlies. Wat dat over de jaren doet, laat de inflatie-calculator zien.
- Valutarisico — bij obligaties in vreemde valuta. Meer daarover staat in valutarisico bij Amerikaanse aandelen.
Houd er verder rekening mee dat obligaties in box 3 als belegging tellen, met een hoger verondersteld rendement dan spaargeld. De box 3-calculator laat zien wat dat kost.
Waarom beleggers ze toch aanhouden
Obligaties bewegen doorgaans minder heftig dan aandelen en leveren een voorspelbare stroom rente op. In portefeuilles worden ze daarom vaak gebruikt om de schommelingen te dempen — ze zitten qua risico tussen sparen en aandelen in, een afweging die uitgebreider aan bod komt in sparen of beleggen.
De klassieke gedachte is dat obligaties stijgen wanneer aandelen dalen, maar dat gaat niet altijd op — in periodes van snel oplopende rente kunnen beide tegelijk zakken. Het blijft dus een kwestie van spreiding, niet van garantie.
Losse obligaties of een fonds?
Losse obligaties kopen kan, maar vraagt vaak een forse minimuminleg en levert weinig spreiding op. De meeste particuliere beleggers kiezen daarom voor een obligatiefonds of -ETF, waarin honderden leningen zitten.
Let daarbij op de gemiddelde looptijd — hoe langer, hoe gevoeliger voor renteschommelingen — en op de kosten. Wat een kostenpercentage over de jaren betekent, reken je uit met de kostenimpact-calculator. Waar je verder op let bij fondskeuze staat in waar je op moet letten bij het kiezen van een ETF.